Interview met gaffer Janneke Hogeboom

Als een film in de bioscoop komt, staan acteurs en regisseur in de spotlight. Maar wie zijn al die mensen op de aftiteling, die de film echt maken? Vandaag het 1e deel uit een serie portretten door Jo Voets, met mini-interviews over leven en werk op de set van In Blue.

JANNEKE HOGEBOOM – Gaffer

Een gaffer maakt licht. In Janneke’s geval kun je ook rustig zeggen ‘ze schildert met licht’. Maar dan wel met penselen in de vorm van loodzware lampen. Het is een artistiek vak, dat tegelijk superpraktisch en fysiek is. Een van de locaties tijdens deze film was zo laag dat er masseurs werden getipt op het callsheet.

Op de foto?
‘Ik probeer hier met Melle (van Essen, director of photography) een manier te vinden om deze hel van een tunnel, die in het echt natuurlijk nog veel vreselijker is, maar voor ons als filmers ook behoorlijk ruk – omdat je nergens rechtop kan (rugpijn) en nauwelijks langs elkaar heen (irritaties), uit te lichten; waar kunnen we iets kwijt?? We zullen het moeten hebben van practicals*, wat vinden we mooi, wat vinden we geloofwaardig? (Al is de werkelijkheid nog een stuk ongeloofwaardiger). Rudger Faber (de Bestboy) heeft het hier heel zwaar gehad, maar ongelooflijk goed werk geleverd.’

Hoe belandde je in de film?
‘In mijn eindexamenjaar zag ik Mauvais Sang. Toen wist ik dat je met film een verhaal kan vertellen dat je meeneemt, raakt en ontroert terwijl je weet dat wat je ziet niet kan. Via verschillende baantjes (Bijv: aan de lopende band in een fabriek in het oostelijk havengebied, waar ik leerde dat jongens en meisjes niet gelijk zijn. In de keuken van een bejaardenhuis waar ik mezelf populair maakte omdat ik zong wanneer ik 40 kroppen sla waste) kwam ik op de filmacademie terecht.’

Mooiste moment als gaffer van In Blue?
‘De wake van Alex. Een heel huis vol figuranten die normaal op straat leven. Er was niks makkelijk aan. Maar daar bij mogen zijn en dat het lukt om de sfeer te maken die we graag wilden en dat al die mensen, al komen zij voor het geld, ontroerd zijn.’

Dieptepunt?
‘Ik heb één keer met statieven staan smijten uit frustratie over de communicatie en samenwerking met de Roemeense belichters, dat had ik nog nooit gedaan en ik heb met heel wat nationaliteiten, talen cultuurverschillen (er zijn niet zoveel vrouwelijke gaffers) gewerkt. Een dieptepunt voor mij en hoewel ik natuurlijk alleen maar smeet omdat er een meter sneeuw lag en er niks stuk kon, gek dat het niet lukte mijn punt te maken zonder… de scène die we draaiden zit trouwens niet in de film.’

*) lampen die deel zijn van het décor en in beeld mogen komen in tegenstelling tot filmlampen die buiten beeld blijven.

Interview Jaap van Heusden, foto Jo Voets.